Log hieronder in.
Als je de juiste zithouding op de motorfiets hebt, benut je de volgende voordelen:
Als je op de motorfiets zit moeten
beide voeten tegelijk de grond kunnen raken.
Knieën en bovenbenen zo strak mogelijk
tegen de tank aandrukken.
Onderbenen zo strak mogelijk tegen de
motorfiets.
Je voeten horizontaal en naar voren
gericht. Daarbij rusten je voeten niet op de rem of schakelpedaal,
maar daarnaast. Ook niet met je tenen op de voetsteun rusten.
Bij het
wegrijden en bij de bijzondere verrichtingen die in de eerste
versnelling gedaan worden mag je voet op het schakelpedaal blijven
rusten.
Rij je met je tenen naar beneden
gericht dan loop je een risico op ernstig letsel als je voet iets
raakt wat op het wegdek ligt.
Je armen moeten licht gebogen zijn en
in een rechte lijn zijn met je handen.
Met beide handen hou je het
stuur vast (de handgrepen).
Niet met je vingers de rem en/of de
koppelingshendel vasthouden.
Wel moet je in staat zijn om in een
beweging de rem en/of koppelingshendel te bedienen.
Rij niet met
gestrekte armen of met je ellebogen naar buiten gericht.
Knijp niet in
het stuur, maar hou het stuur ontspannen vast.
Je rug is gestrekt (recht) en niet
gebogen of doorgezakt. Als je met een hogere snelheid over drempels
rijdt ga dan op de voetsteunen staan, met je billen van het zadel. De
motorfiets vangt dan de schokken op en niet je (onder)rug.
Hou je hoofd recht en kijk ver voor je
uit. Door ver vooruit te kijken rij je onder andere stabieler en meer
rechte lijnen.